Word nu lid!

In de kantlijn: DONAR vs ASVEL

door SV Admin | Geen reacties

Het Donarmuseum (www.donarmuseum.nl) bevat een schat aan wetenswaardigheden. Zo vind je daar dat ons aller Donar, toen gesponsord door het grote Nationale Nederlanden, won -ik bedoel, wij hadden meer punten dan zij!- van ASVEL Villeurbanne! 90-82 zeggen de cijfers! In het jaar 1974 wel te verstaan. Een paar dagen voor het feest van Sinterklaas en zijn hulpje, dat destijds nog niet door discussies was omgeven, nam de Franse ploeg weliswaar wraak in het land van Le Coq Sportiv, maar die ene overwinning staat toch maar mooi in de boeken. En dat dank zijn korfbalcoach (in dat wereldje een grote naam destijds) Hans Perrier. Hij had de volgende spelers onder zijn hoede: Ton Nederhoed, Leo Wubbolt, Arend Jan Julius, Renso Zwiers, Rene Lieveld, Jos Timmer, Jan Kamman, Fred Burggraeff en Wim Van Aalderen. Buitenlanders waren er ook. Allereerst Dragutin “Misko” Cermak, Joegoslaaf en international, die het seizoen daarvoor Levi’s Flamingo’s naar huis pafte met, ik meen, 35 punten. Het NND logo, dat ook op mooie stickers verscheen, toonde een oranjebal en de handen en armen van Misko, kortom de man had status! De grote vriendelijke reus Fred DeVaughn was ook gebleven. Met zijn baby-hookjes en het schot van onder de eigen basket, rechtstreeks in die aan de overkant. Zo halverwege het seizoen gebeurde Cermak wat niemand zich wenst: men vond hem plots niet meer bij DeVaughn passen. De getergde en teleurgestelde grootheid keek eerst nog wat wedstrijdjes toe, maar ruimde toch maar het veld. Zijn vervanger, David Walker, bleek een goeie…

Inmiddels zijn de bordjes verhangen. Tony Parker senior, ooit spelend voor Parker Leiden, was papa geworden. Heel creatief hadden hij en zijn eega de pasgeborene Tony genoemd. Junior wel te verstaan. Four time NBA champion with the San Antonio Spurs, one time NBA Finals MVP en nu… eigenaar van ASVEL Villeurbanne. Waar het bestuur van Donar goede zaken doet en een sponsorbudget realiseert dat zich kan meten met Den Bosch en Leiden, daar kijkt men niet op een miljoentje meer of minder in het Franse. Naar verluidt: heeft men zeven maal het bedrag van Donar te besteden. Daar moet Donar vanavond dus tegen aantreden. Bij voorbaat een ongelijke, oneerlijke strijd, zo wordt alom voorspeld. Zou dat zo zijn? En dus niet 1974 rivisited?

Het antwoord is snel gegeven: Asvel was inderdaad een maatje te groot, of twee, of drie, of… en ga zo maar door. Eindstand 66-85.
Bij het inspelen was al te zien dat er enig, nou ja enig, verschil was in lengte en gewicht. In de ploeg bevinden zich bovendien twee heuse NBA’ers: Andersen (niet gespeeld) en Watkins (des te meer). Bij Donar ontbrak Fieler (niet meer op krukken) en was het bloempotkapsel en sikje van Sean Cunningham terug. Donar deelde vaantjes uit aan de Fransen en de trommelaars waren weer nadrukkelijk aanwezig.

Donar ging voortvarend van start. Zo passte Sullivan op de invliegende Bekkering, die de wedstrijdstand opende voor 2-0, gevolgd door scores van Dourisseau en wederom Bekkering: 6-0. Maar toen ging de voormalig speler van Sacramento Kings Darryl “Finesse” Watkins met de score bemoeien. Een hookshotje en een paar dunkjes verder stond Asvel weer voor. De Franse ploeg schroefde de verdedigende druk op, waardoor Donar het schot niet meer vrij kreeg. Het bleef maar passen en passen, maar een “open look” was niet te vinden. Zelf swingden ze de bal rond alsof het een groupie was. Het kwart eindigde daarom op 11-21 voor Asvel.

De, tot nu toe, ongelukkig spelende Garrick Sherman kwam in het veld. Hij kwam redelijk uit de verf. Blijkbaar weet de ploeg nu hoe hij aangespeeld moet worden: rechtstreeks en zo dat hij ook nog gedwongen wordt te dribbelen. Dat laatste levert immers steevast balverlies op. Nu kon hij steeds rechtstreeks omhoog voor het schot en dat leverde nuttige scores op en een applaus toen hij weer even zitten mocht.
Toch bleef het dweilen met de kraan open in de defense. De lengte en het gewicht in de low post leverde zoveel gevaar op voor Donar, dat het verdedigen rond de perimeter er niet meer van kwam. En dus regende het rake driepunters. Rust 24-41.

Het derde kwart werd aangevangen met de wetenschap dat Donar het aantal turnovers drastisch diende te verminderen en het schotpercentage omhoog moest. Een onmogelijke opdracht tegen zoveel overmacht. Brutaal knalde Yannick Franke een aantal driepunters raak, gevolgd door een airball van JD. Hij heeft nu eenmaal zoveel aanlegtijd nodig dat je in die tijd rustig een kopje koffie zetten kunt. Maar Donar vocht en vocht en jawel, het won het derde kwart met 24-20. Dat nam niet weg dat de stand op 48-61 was gekomen. Eén der scheidsen voelde de sfeer goed aan door een dikke duim omhoog te houden voor het optreden van Mini Thunder.

In het laatste kwart bleek maar weer eens dat Ken Brown beter in de rol van off-guard zou kunnen functioneren. Als spelverdeler loopt hij zich gewoon te vaak vast. Dan weer een drive tussen de hoge bomen onder het bord, dan weer een schot terwijl anderen er beter voor staan, dan weer veel te lang doordribbelen, het is duidelijk, hij heeft wel zo zijn bijdrage, maar maakt niemand beter. Donar komt in het laatste kwart vrijwel niet meer tot scoren, al blijft Bekkering doorvechten. Hij kan het niveau wel aan, zoveel is duidelijk. Zijn 21 punten en rebounds spreken boekdelen. En de 14 punten van jonkie Franke liegt er ook niet om. JD eindigt op 12 en Sherman op 10. De nederlaag was verwacht, maar het applaus achteraf was volkomen terecht. Heerlijk om eens een on-Nederlands niveau te mogen aanschouwen.

De volgende Donar In De Kantlijn verschijnt na de wedstrijd tegen ZZ Leiden. Kortom, deze rubriek gaat gewoon door. Maar wie meer van mijn hand wil lezen, koop de volgende keer het programmaboekje. U steunt er uw club mee! Tot ziens, tot DONAR!

Jan Weeber

Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *