Word nu lid!

Donar in de Kantlijn: Beste Paul, mea culpa… of toch niet?

door SV Admin | 2 reacties

Het was op 21 januari 1978 dat een elleboogstoot in een basketbalwedstrijd grote beroering gaf in de Evementenhal te Groningen. Het liep zo tegen het eind van de eerste helft – in mijn herinnering althans – dat speler Gerrit van Buuren van Rotterdam-Zuid (toen met de welluidende sponsornaam Radio Musette) tegen de elleboog van een Donarspeler opliep. Vergeef me dat ik niet kon achterhalen wie de armzwaai uitdeelde die de kale man tegen de vlakte deed belanden. Maar de gevolgen waren legendarisch. Onder leiding van de in Groningen overbekende bonenstaak Jan Loorbach besloot de ploeg niet verder te spelen.

Kwaad op de scheidsrechters, toen nog twee in getal, beenden de Rotterdammers richting de kleedkamer. Het publiek, zo’n 1700 man en de tegenstanders in verwarring achterlatend. In de kleedruimte stond een ouderwets schoolbord, compleet met krijtjes. De in Emmen geboren Loorbach, die in Groningen advocatuur had gestudeerd tekende daarop het hoofd van Van Buuren. Daarnaast een arm, waaraan een hand met basketbal, maar vooral een puntige elleboog. Die raakte de kin van zijn medespeler. Loorbach sprak zijn requisitoir en een fotograaf van het Nieuwsblad van het Noorden legde het vast op de gevoelige plaat.

Ik moest aan dit voorval denken, toen Tai Wesley van Den Bosch, vorig seizoen, bij Flamesspeler Ross Bekkering twee tanden uit de mond sloeg. Per ongeluk? Daar werd aan getwijfeld. Voordeel van de twijfel dan maar.
Maar vooral ook tijdens de wedstrijd Donar tegen, wederom, Den Bosch. Het is Thomas Koenis die een rebound naar beneden trekt. Meteen wordt hij belaagd door Stefan Wessels en Ralf De Pagter. Die springen hem zowat op de nek. Dus wat doet Thomas? Hij rukt zich los, door de bal stevig in twee knuisten om zijn borst te zwaaien. En dan…??? De fluit gaat. Een klein oranje mannetje, Paul van den Heuvel genaamd, komt aangerend, wijst naar Koenis en geeft hem een onsportieve fout.

MartiniPlaza ontploft bijkans van verontwaardiging. Ja, ik ook! Hoe is het mogelijk: een onsportieve fout? Het gejoel, gejouw, gefluit, boe-geroep en “amateur, amateur” is niet van de lucht. Je mag toch voor de rebound gaan? Je mag jezelf toch losrukken als je wordt belaagd? Er is toch niemand geraakt? Nou dan! Meer dan 3200 toeschouwers voelen het onrecht en laten het er niet bij zitten. Boe, boe en nog eens boe. Bah, als je zo genaaid wordt door een scheids. Het is duidelijk: Thomas snapt er zelf ook niks van en de ploeg van Den Bosch wil zich er niet mee bemoeien. Logisch, zij krijgt straks vrije worpen en zijkant, hoezee!

Een dag later komen de beelden van de wedstrijd, gemaakt door TV Noord. Thomas Koenis geeft er zelf commentaar bij: “die rebound, die was voor mij!” Heerlijk, zo’n mentaliteit, echte topsport, dat blijkt! Maar dan… de beelden bestuderend dwaalt mijn oog af naar rechts. Dus niet naar links, waar Stefan Wessels Koenis belaagt, maar naar de andere kant. Daar loopt een Bossche speler het beeld uit. Hij voelt aan zijn borst. Waarom? Ik kijk nog eens en nog eens en warempel… het is Ralf De Pagter, die bij de rebound van Koenis wel degelijk is geraakt. Een vol MartiniPlaza zag niet, wat scheidsrechter Paul van den Heuvel wel zag! En dus floot hij volkomen terecht de actie af. Een persoonlijke fout dus.

En dus vergeef mij Paul, dat ik je aanpakte in mijn vorige “Donar in de kantlijn” of toch niet?

“Die rebound, die was voor mij!”, had Thomas Koenis gezegd. Kortom, er was bij hem geen bedoeling een tegenstander te raken. Hij ging voor de bal. En dus kun je concluderen dat een gewone P op zijn plaats was geweest. En dat scheidsrechter Van den Heuvel had moeten inbinden en de fout niet meteen als onsportief had moeten beoordelen. Bah, die scheidsrechters ook, altijd maar weer op de voorgrond willen staan met hun kinderachtige gefluit.

Echter: regel 46 uit het FIBA handboek voor scheidsrechters zegt: “Indien een speler, in een poging de bal te spelen, uitzonderlijk hard contact veroorzaakt (een harde fout) dan moet het contact als onsportief worden beoordeeld”.
De vraag is dan: “wat is nu precies uitzonderlijk hard contact”. Was dat het armengezwaai bij de rebound van Thomas Koenis? Ik ben geneigd die vraag met “nee” te beantwoorden, maar dat is erg persoonlijk. Ik zag althans geen De Pagter op de grond ploffen of protesteren bij het oranje drietal. Daar staat tegenover dat de FIBA duidelijk is over spelsituaties die vragen oproepen. Hier is alles “naar het oordeel van de scheidsrechter”.

En dus beste Paul, mijn excuses voor al mijn “boegeroep”. Hoewel: sport is emotie en jij doet dit alles voor een habbekrats. Als mensen “amateur amateur” zingen hebben niet alleen zij, maar ook jij gelijk. Je bent scheids voor “de lering ende vermaeck”. Vat al het wild geraas maar op als loftuiting. Maar of een honderd procent mea culpa op zijn plaats is: vind je het erg als ik mij daar niet over uitspreek?

Jan Weeber.

2 reacties

    1. Frank –

      Ik vraag me alleen af hoe het kan dat er in de DBL elke wedstrijd wel een onsportieve of technische fout uitgedeeld terwijl dit Europees zelden het geval is. Het zelfde geldt voor de fastbreak fouten, in Nederland altijd onsportief, Europees (EK-kwalificatie) mag vele malen meer.

    2. Jan Weeber –

      Daar zeg je wat Frank, het verschil tussen DBL en “Europees” fluiten is enorm!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *